online programma
OERSOEP
een passie voor de 21e eeuw
“Ik zat met mijn baby op schoot, las de krantenkoppen over de IPCC-rapporten en dacht: wat heb ik gedaan?”
– Rebekka Nilsson –
De basis voor OERSOEP – een passie voor de 21e eeuw is gebaseerd op de gelijknamige roman OERSOEP van Bregje Hofstede.
Haar roman begint net als het stuk begint bij een geboorte. Een vrouw baart haar dochter en ervaart hoe haar lichaam letterlijk en figuurlijk openbreekt. Pijn, extase en verlangen lopen door elkaar heen en de grens tussen haarzelf en het nieuwe leven dat uit haar voortkomt wordt poreus.
De geboorte verandert ook haar verhouding tot de wereld. Moederschap maakt alles intiemer, maar ook kwetsbaarder. De zorg voor haar kind opent de blik op al het leven dat beschermd, gevoed en doorgegeven moet worden.
Samen met haar partner Warre en hun dochter Essie verhuist het hoofdpersonage naar het Franse platteland. Ze proberen er een eenvoudig bestaan op te bouwen, dichtbij de seizoenen, hun tuin en het bos. Essie groeit, zaailingen schieten uit de grond, het leven lijkt zich te voegen aan oude ritmes van geboorte, groei en verval. Maar steeds nadrukkelijker dringt nog een andere werkelijkheid binnen: droogte, boskap en vervuiling maken duidelijk dat de natuurlijke kringloop niet langer vanzelfsprekend is. Verjaardagen, generaties en herhalingen raken verstrengeld met de tijd van tipping points, temperatuurstijging en een toekomst die steeds onzekerder lijkt te worden.
Hoe voed je een kind op in een wereld waarvan je weet dat die verandert?
Alledaagse handelingen krijgen steeds meer gewicht en ook de relatie met Warre komt onder druk te staan en levert de vraag op: Hoeveel kan je werkelijk van elkaar dragen?
In een fysieke en hallucinatoire reis vervagen de grenzen tussen moeder en kind, mens en natuur, leven en dood. Wat overblijft is het besef dat we allemaal deel zijn van een veel groter, chaotisch geheel: een oersoep waarin alles met alles verbonden is.
OERSOEP is een voorstelling over geboorte en sterfelijkheid, over ouderschap in tijden van klimaatcrisis, en over de ongemakkelijke verstrengeling van verlangen en verantwoordelijkheid. Een rituele poging dichterbij het leven zelf te komen: rommelig, muzikaal, beeldrijk en voortdurend in beweging.
The foundation for OERSOEP – a passion for the 21st century – is the novel of the same name by Bregje Hofstede.
Like the performance, the novel begins with a birth. A woman gives birth to her daughter and experiences how her body breaks open, both literally and figuratively. Pain, ecstasy and desire become intertwined, and the boundary between herself and the new life emerging from her becomes porous.
The birth also transforms her relationship with the world. Motherhood makes everything more intimate, but also more vulnerable. Caring for her child opens her eyes to all the life that needs to be protected, nurtured and passed on.
Together with her partner Warre and their daughter Essie, the protagonist moves to the French countryside. They try to build a simple life, close to the changing seasons, their garden and the forest. Essie grows, seedlings emerge from the soil, and life seems to follow the ancient rhythms of birth, growth and decay. But another reality intrudes: drought, deforestation and pollution show that the natural cycle can no longer be taken for granted. Birthdays, generations and recurring patterns become entangled with the timeline of tipping points, rising temperatures and a future that seems increasingly uncertain.
How do you raise a child in a world you know is changing?
Everyday actions begin to carry more weight. The relationship with Warre also comes under strain, raising the question: How much can we really carry for one another?
In a physical and hallucinatory journey, the boundaries between mother and child, humanity and nature, life and death begin to dissolve. What remains is the realization that we are all part of a much larger, chaotic whole: a primordial soup in which everything is connected to everything else.
Oersoep is a performance about birth and mortality, about parenthood in times of climate crisis, and the uncomfortable entanglement of desire and responsibility. A ritualistic attempt to get closer to life itself: messy, musical, rich in imagery and constantly in motion.
ON TOUR: 22 OKT t/m 18 DEC
ON TOUR: 22 OKT t/m 18 DEC
“Rebekka en ik hebben de tekst van Oersoep uit elkaar getrokken en opnieuw, op een andere manier, in elkaar gestoken. We willen echt iets maken wat voorbij gaat aan het boek; het nog fysieker maken dan de tekst al is.”
Bregje Hofstede, schrijver Oersoep
achtergrond:
Een ritueel
voor nu
-
De ontwikkeling van Oersoep (een passie voor de 21e eeuw) begon in april 2024 met een week lang luisteren naar Bach. In een repetitielokaal van NITE draaiden we de Matthäus-Passie van begin tot eind, lazen mee met de gezongen teksten en vroegen ons bij elke aria af: Wat herkennen we?
Het boek Oersoep van Bregje Hofstede zou namelijk wel het tekstmateriaal zijn, waarmee we zouden werken, maar we waren niet van plan een ‘gewone’ boekbewerking te maken. In plaats daarvan wilden we een muzikale voorstelling maken als eigentijds ritueel, dat zich met het massieve thema van ouderschap ten tijde van de klimaatcrisis zou bezighouden. Daarvoor boden de teksten uit het boek een schitterend uitgangspunt. In welke vorm we die zouden gaan gieten, moesten we alleen nog uitvinden. Daarvoor besloten we ons in de christelijke Passie te verdiepen.
In opdracht van de St. Thomas Kirche in Leipzig, schreef Bach met zijn Matthäus-Passie een meesterwerk, dat het lijdensverhaal van Jezus tot een jaarlijks muzikaal paasritueel zou maken. De Passie volgt de laatste dagen van Jezus aan de hand van verschillende hoofdstukken. Zo gaan we van het laatste avondmaal, via de gevangenname en veroordeling van Jezus door het Romeinse volk, naar de kruisiging en eindigen bij de graflegging.
Bachs Passie is opgebouwd uit recitatieven, waarin het verhaal wordt verteld en aria’s, waarin het lijden van Jezus en de schuldgevoelens van de geloofsgemeenschap worden bezongen. Want bovenal gaat het in de Passie over het invoelen van schuld, een motief dat zich door het gehele christelijke geloof trekt, en waar Pasen het absolute hoogtepunt van vormt. Niemand greep in toen Jezus werd gecriminaliseerd, opgepakt en veroordeeld, sterker nog: Hij werd verraden en ontkend, de mensen trokken hun handen van hem af. Het waren de zonden van de mens, die dit onschuldige leven ten val brachten, en daaraan worden de gelovigen elk jaar met Pasen herinnerd.
De Passie vertelt niet alleen dit Bijbelse verhaal, maar laat je óók horen wat je erbij dient te voelen. De tekst en de muziek helpen je als het ware een handje mee om alles helemaal te doorleven. Daarmee functioneert de Passie in de kerk als een ritueel: een doorgecomponeerde inleving in de christelijke zonden, om daarna met hernieuwde christelijke inzichten de kerk weer te verlaten. Dat bracht ons bij de vraag: Aan wat voor ritueel zouden we vandaag de dag behoefte hebben? Een ritueel dat geen religieuze reflectie is, maar op onze verhouding tot de aarde en de ecologische crisis gericht is.
Met de structuur van de Passie in ons achterhoofd, kozen we een aantal van de vele beelden en motieven die erin voorkomen, dat met onze thematiek en de wereld van Oersoep resoneert. Aan de hand daarvan bouwden we aan geheel eigen hoofdstukken. Samen met decorontwerper Jonathan Mertz ontwierpen we daarvoor vijf decors, of decor-onderdelen, die tijdens de voorstelling door de spelers zelf worden opgebouwd en daarna weer afgebroken. Zo ontstaan processies van beelden en scenische momenten, die het verhaal stap voor stap voortstuwen. Daarbinnen plaatsen de spelers zichzelf, ze worden onderdeel van het landschap en bouwen zo de achtergrond voor de tekst.
In de teksten van Bregje Hofstede vloeien talloze gedachten en flarden van situaties in elkaar over. We trokken deze teksten enigszins uit elkaar, plaatsten ze in thematische blokken en verdeelden die over de verschillende hoofdstukken. We legden daarbij de nadruk op de stukken tekst, die zich bezighouden met de natuur, de verandering van het klimaat en de daarmee samenhangende zorgen van het hoofdpersonage, de moeder. Daarvoor maakten we onder andere gebruik van een aantal teksten van Bregje, die weliswaar voor dit boek geschreven werden, maar nooit eerder zijn gepubliceerd.
De spelers vormen het koor van deze Passie voor de 21e eeuw. Zij drijven niet alleen de handeling van het stuk vooruit, door de decors steeds op- en af te bouwen, ook vertolken ze dan wel met z’n allen, dan wel als solisten, de stem van de moeder. Vergelijkbaar met de zangers, die in de passie de stemmen van Jezus, de discipelen en alle andere personages vertolken. Op het toneel zullen dan ook geen uitgespeelde scènes zien, eerder ligt de nadruk op de muzikaliteit van de tekst. In de repetities werkten we met de spelers aan het ritme en de klank van de woorden, aan het samen spreken en het aan elkaar overgeven van de zinnen. Door goed naar elkaar te luisteren, en gedetailleerde afspraken te maken over hoe de tekst wordt gezegd, worden ze samen tot één verteller met vijf monden.
Maar niet alleen met de tekst wordt muziek gemaakt. De spelers zijn het koor van deze passie, en het orkest wordt vertolkt door de vijf muzikanten van K.O.Brass. Aan de hand van de meest bekende stukken uit de Matthäus-Passie, zoals de bombastische ouverture waarmee het stuk begint, of de gevoelige aria Erbarme dich, schreef de componist Matthias Sigurdsson eigen composities. In samenwerking met K.O.Brass, pakt hij daarnaast een aantal van de melodieën uit de muziek van Bach op, voert ze verder en ver-brass-t ze volledig. Dat levert een hele andere klank op dan bij Bach, en dat is precies de bedoeling. Tegenover de grote woorden en zware thematiek van Oersoep staat feestelijke, groovy muziek. Die brengt niet alleen lichtheid, maar vooral ook een sprankje hoop.
Oersoep gaat namelijk niet alleen over de zorgen over het klimaat en het gewicht van de verantwoordelijkheid over het kwetsbare leven dat je als ouder op deze planeet hebt gezet. Oersoep gaat bovenal ook over het vervagen van de grenzen tussen jezelf en de ander, en het gevoel van verbinding met alles wat leeft, dat door het krijgen van een kind kan ontstaan en wat voor de moeder in het boek het startpunt vormt om naar meer van dat soort verbindende ervaringen op zoek te gaan.
Anders dan de Matthäus-Passie, is Oersoep geen oefening in berouw, maar juist een oefening in verbinden: Hoe voelt het, als je meer wordt dan jezelf alleen? Als je de grenzen van jezelf uitvouwt, en ruimte maakt voor het hele universum?
Misschien is dat de eigenlijke eerste stap op weg naar een duurzamere omgang met onze planeet: Een verandering van waarneming. In plaats van breken onder het gewicht van de verantwoordelijkheid voor onze eigen zonden, moeten we onszelf herpakken, en onze connectie met het geheel herstellen. Dat is tenslotte wat de borrelende oersoep is: “al het leven” dat ver voor ons begon en ver na ons zal doorgaan, op wiens tijdslijn wij slechts kleine stipjes zijn.
We gaan onszelf niet redden door onszelf elk jaar opnieuw onze zonden voor ogen te voeren, vast te lopen in onze schuldgevoelens en ons aan de hand van een muzikaal ritueel voor een momentje gezuiverd te voelen. Dat is een ritueel dat voor de eeuwigheid gedacht is, wat de huidige situatie in stand houdt en geen noodzaak heeft bij verandering. Terwijl die verandering juist wel hard nodig is. Dus laten we oefenen om buiten de gebaande paden te treden, om onze eigen afgescheidenheid open te breken en elkaar te vinden, om te voelen dat we deel zijn van een groter geheel waar we zorg voor moeten dragen. Om het leven onder onze vingertoppen te voelen knetteren en het vooral niet op te geven.
-
The development of Oersoep (a Passion for the 21st century) began in April 2024 with a week of listening to Bach. In a rehearsal room at NITE, we played the St. Matthew Passion from start to finish, close read the libretto, and asked ourselves with every aria: What do we recognise?
Bregje Hofstede’s book Oersoep was the source material we would be working with, but we had no intention of creating a “conventional” adaptation of the book. Instead, we wanted to create a musical performance that would be a contemporary ritual that explores the weighty theme of parenthood in the era of climate crisis. The texts from the book provided a wonderful starting point for this. We just had to figure out what form it would take. To that end, we decided to delve into the Christian Passion.
Commissioned by St. Thomas Church in Leipzig, Bach composed his St. Matthew Passion, a masterpiece that would transform the story of Jesus’s Passion into an annual musical Easter ritual. The Passion traces the final days of Jesus through various chapters. Moving through the Last Supper, Jesus’ arrest and condemnation by the Roman authorities, to the crucifixion, and concluding with his entombment.
Bach’s Passion is composed of “recitatives”, in which the story is told, and “arias“, in which the suffering of Jesus and the sense of guilt felt by the Christian community are sung. For above all, the Passion is about coming to terms with guilt—a theme that runs through the entire Christian faith, with Easter marking its absolute climax. No one intervened when Jesus was criminalised, arrested, and condemned; in fact, he was betrayed and denied. The people turned their backs on him. It was the sins of humanity that brought about the downfall of this innocent life, and believers are reminded of this every year at Easter.
The Passion not only tells this biblical story, but also guides you to understand how you should feel about it. The text and the music, as it were, lend a helping hand in allowing you to fully experience it all. In this way, the Passion constitutes a ritual in the church: a through-composed exploration of Christian sins, after which one leaves the church with renewed Christian insights. This led us to the question: What kind of ritual could we need today? A ritual that is not a religious reflection, but focusses on our relationship with the earth and the ecological crisis.
With the structure of the Passion in mind, we selected a number of the many images and motifs that appear in it, that resonate with our themes and the world of Oersoep. Based on that, we developed our own chapters. Together with set designer Jonathan Mertz, we designed five sets—or scenic elements—for this purpose, which the actors themselves assemble and then dismantle during the performance. This gives rise to a succession of images and dramatic moments that drive the story forward step by step. Within this framework, the actors position themselves; becoming part of the landscape and thus build the backdrop for the text.
In Bregje Hofstede’s texts, countless thoughts and fragments of situations flow seamlessly into one another. We rearranged these texts into thematic blocks, and organised them around these chapters.
In doing so, we emphasised the passages that deal with nature, climate change, and the related concerns of the main character, the mother. To that end, we drew, among other things, on a number of texts by Bregje, which, although written for this book, had never been published.
The actors form the chorus of this 21st-century Passion. Not only do they drive the story forward by constantly setting up and taking down the sets, but they also—either collectively or as soloists—give voice to the mother. Similar to the singers, who portray the voices of Jesus, the disciples, and all the other characters in the Passion. Consequently, there are no fully acted-out scenes on stage; rather, the emphasis is on the musicality of the text. During rehearsals, we worked with the performers on the rhythm and sound of the words, on speaking together, and on passing the lines back and forth. By listening carefully to one another and making detailed agreements about how the text is delivered, together the chorus becomes a single narrator with five mouths.
But the music of this piece isn’t created solely through the text. The performers are the choir of this Passion, and the orchestra is represented by the five musicians of K.O.Brass. Drawing from the most famous pieces from the St. Matthew Passion—such as the bombastic overture that opens the work, or the tender aria “Erbarme dich”—composer Matthias Sigurdsson wrote a number of original compositions. In collaboration with K.O.Brass, he takes on a number of melodies from Bach’s music, develops them further, and gives them a full brass treatment. This results in a sound quite different from Bach’s, and that is exactly the intention. In contrast to the heavy themes of Oersoep, the music brings a festive, groovy atmosphere that not only adds a touch of lightness but, above all, a glimmer of hope.
After all, Oersoep isn’t just about concerns for the climate and the weight of parental responsibility for the vulnerable life you’ve brought into this world. Above all, Oersoep is also about the blurring of boundaries between yourself and others, and the sense of expanding connection with all living things that can arise from having a child - a sense that, for the mother in the book, serves as a starting point for seeking out more of these kinds of connecting experiences.
Unlike the St. Matthew Passion, Oersoep is not an exercise in remorse, but rather an exercise in connection: How does it feel to become more than just yourself? To expand the boundaries of yourself and make room for the entire universe?
Perhaps that is the very first step toward a more sustainable approach to our planet: a shift in perspective. Instead of buckling under the weight of responsibility for our own sins, we must pull ourselves together and restore our connection to the whole. After all, that is what the bubbling primordial soup is: “all life”, that began long before us and will continue long after us, on whose timeline we are merely tiny dots.
We won’t save ourselves by constantly reminding ourselves of our sins year after year, by getting stuck in our feelings of guilt, and by using a musical ritual to feel purified for a short moment. That is a ritual meant to last for eternity, one that perpetuates the current situation and serves no purpose in the face of change. Yet that change is precisely what is desperately needed. So let’s practice venturing off the beaten path, breaking down our own sense of separation and finding one another - to feel that we are part of a greater whole that we must care for. To feel life crackling beneath our fingertips, and never, ever giving it up.
cast
FUN FACTS
FUN FACTS
De zwangere buiken zijn gemaakt van massief rubber en wegen elk ongeveer 7 kilo. Ter vergelijking: een gemiddelde zwangere buik weegt met acht maanden ongeveer 3,8 kilo. De performers dragen dus méér dan het echte werk.
Performer Camilo Chapela spreekt geen Nederlands. Hij heeft zijn tekst fonetisch geleerd — met hulp van de rest van het ensemble, die hem woord voor woord heeft begeleid.
De drie nummers op de Oersoep EP zijn opgenomen in een geïmproviseerde geluidsstudio; tussen de baarmoederachtige gordijnen die aan het begin van de voorstelling te zien zijn.
De grote baby die in de voorstelling te zien is, werd oorspronkelijk gemaakt voor een voorstelling uit 2002. Ze is inmiddels 24 jaar oud!
In september 2026, tijdens de repetities van Oersoep, maakte het Milieuprogramma van de Verenigde Naties bekend dat het overschrijden van de 1,5°C-grens tegen het begin van de jaren 2030 onvermijdelijk is. Het is een van de feiten die in de voorstelling worden benoemd. Het bleek geen script meer..
Listen Up!
De muziek van Oersoep is niet alleen achtergrond — het is het ritueel zelf. K.O.Brass brengt composities van Matthías Sigurðsson tot leven: van bombastische brass die je aan Bach doet denken tot een nummer geïnspireerd op een klimaatmars, waar iemand een bord draagt met een roodgloeiende thermometer. Eronder: ‘Stop reproducing!’.
Drie nummers. Een hedendaags requiem én een viering. Voor iedereen die de muziek wil terugluisteren — of goed beslagen het theater in wil.
K.O.Brass
K.O.Brass is een internationaal collectief, vijf musici met hun eigen diverse muzikale achtergrond. Al meer dan tien jaar componeren en spelen ze hun originele muziek, van hardbopjazz via filmische tracks tot neoklassiek en alles daartussenin, altijd met de groove als basis. Na de start als blazerssectie van The Kyteman Orchestra vormden ze een hechte selfmade band, om daarmee vele muzikale en theatrale wegen te volgen.
In Oersoep speelt K.O.Brass de speciaal voor deze voorstelling gecomponeerde composities van Matthías Sigurðsson. Hij heeft zich laten inspireren door Bach's Matthäus-Passion en het unieke geluid van K.O.Brass. De overbekende melodieën zijn opnieuw gezet en verder uitgewerkt, ofwel volledig ver-brass-t. Het resultaat klinkt anders dan Bach — en dat is precies de bedoeling voor deze passie voor de 21e eeuw.
K.O.BRASS
REBEKKA NILSSON
Met Oersoep, naar het gelijknamige boek van Bregje Hofstede, brengt de Noors-Deense regisseur Rebekka Nilsson haar eerste grotezaalvoorstelling als vaste maker bij NITE: een eigentijdse muzikale passie over het dragen, baren en verzorgen van nieuw leven in een ‘stervende wereld’. Hoe ga je om met de vreugde van het ouderschap wanneer de toekomst steeds onzekerder wordt? “Een kind krijgen betekent ook dat je wel móét dealen met de toekomst,” zegt Nilsson.
Hoe kwam je bij de roman Oersoep van Bregje Hofstede terecht?
Het boek kwam pas later in het proces. Het idee was om een passie te maken, zoals de Matthäus Passion, maar dan zonder de religieuze thematiek. Een hedendaags lijdensverhaal, waarin we vanuit de zorgen van een moeder met een klein kind naar de wereld kijken.
Op zoek naar bronmateriaal kwamen we bij het boek van Bregje terecht. Dat gaat niet expliciet over de klimaatcrisis, maar tijdens het lezen kreeg ik sterk het vermoeden dat die zorgen wel bij haar speelden. En dat bleek zo te zijn. Ze had meer teksten geschreven dan uiteindelijk in het boek terecht zijn gekomen, waaronder gedachten over waar het naartoe gaat met de wereld. Wat mij zo aanspreekt in haar boek, is dat ze schrijft over ervaringen die je laten voelen dat je meer bent dan jezelf, dat de grenzen tussen ‘ik’ en de rest eigenlijk niet bestaan.
Bregje is ook betrokken geweest bij de research voor deze voorstelling. We hebben uiteindelijk passages uit het boek, ongepubliceerd materiaal en nieuw geschreven teksten gebundeld en vervolgens samen met dramaturgen Sofie Boiten en Friederike Schubert in een theatrale vorm gegoten.Je bent moeder van twee jonge kinderen, ik kan me voorstellen dat het thema dicht bij je staat.
Nadat mijn eerste zoon geboren werd, had ik een gek, dubbel gevoel. Aan de ene kant was moeder worden een enorme verruiming van mijn leven en van mijn identiteit. De ervaring van de bevalling, die symbiose tussen moeder en kind… het opende een nieuwe dimensie van liefde, die ik tot dan toe nog niet kende.
Maar daarnaast voelde ik ook een ongelofelijke angst en pessimisme: waar gaat het naartoe met de wereld? Trump in het Witte Huis,oorlog in Gaza, pogingen om de opwarming van de aarde tegen te houden die nog steeds geen prioriteit krijgen… Ik zat met mijn baby op schoot, las de krantenkoppen over de IPCC-rapporten en dacht: wat heb ik gedaan?
Natuurlijk heb ik ook gedacht: moet ik wel kinderen krijgen in deze wereld? Wat voor toekomst gaan ze tegemoet? Maar aan de andere kant: wat voor wereld zijngaan we aan het bouwen als er geen kinderen meer geboren worden?
Vanuit dat gevoel ontstond het idee voor deze voorstelling. Ik wilde de klimaatproblematiek benaderen door de bril van het prille moederschap. Kunst maken over zo’n groot onderwerp als klimaatverandering is heel lastig. Het is zo groot dat je er eigenlijk alleen maar algemene dingen over kunt zeggen. Maar vanuit dit perspectief kon ik het bundelen en kanaliseren.
Een kind krijgen betekent ook dat je wel móét dealen met de toekomst. Ik kan nu niet meer zeggen: I’ll go down with this ship. Want ook al zie ik de toekomst heel donker, ik geloof nog steeds dat er veel goedheid in de mens zit.
We moeten leren denken als soort en niet als individuen. We kunnen deze grote problemen niet individueel oplossen. Je kunt geen weg naar de toekomst vinden in je eentje.Een voorstelling in de vorm van een 21e-eeuwse passie. Hoe moeten we ons dat voorstellen?
Het is geen klassiek toneelstuk met personages met wie je je kunt identificeren en die je kunt volgen door het verhaal. Je ontmoet een groep mensen die een soort ritueel met je doorlopen. Ze springen in en uit het lijf en de gedachten van de moeder, net als in de Matthäus Passion, waar je, tussen de koorstukken door, solisten hoort zingen die de stem van Judas of Maria Magdalena vertolken. De acteurs spreken ook vaak als een koor. Dan kruipen ze samen in één lijf. Of in één hoofd.
Je zou je kunnen inbeelden dat dit gebeurt in een toekomst waarin de wereld er nog slechter aan toe is dan nu. Waarin mensen bijeenkomen om een ritueel te beleven, om samen te herinneren en een weg naar de toekomst te bouwen, als een soort collectieve transformatie.De muziek wordt live uitgevoerd door K.O. Brass, een vijfkoppig blazersensemble ontstaan uit The Kyteman Orchestra. Waarom deze keuze?
Die muzikanten zijn echt geweldig! Met koperblazers kun je heel veel verschillende ‘snaren bespelen’. In close harmony kunnen ze bijna klinken als een orgel, met de energie van zo’n Bach-achtige geluidsmuur die op je afkomt.
Maar daarnaast kun je er ook een jazzy funeral march mee maken, of balkanachtige dingen. Het gaat van spiritueel en emotioneel tot heel ritmisch en groovy. Ze spelen de composities van Matthías Sigurðsson, die trouwens ook mijn partner is en de vader van onze kinderen.Je bent sinds 2023 vaste maker bij NITE. Hoe heeft de samenwerking zich ontwikkeld?
In 2020 studeerde ik af aan de regieopleiding in Amsterdam met twee voorstellingen. Door covid hebben veel mensen uit het veld die helaas niet kunnen zien. Gelukkig had Robbert van Heuven, destijds huisdramaturg van NITE, mijn eerste voorstelling gezien. Zo kwam ik in contact met Guy Weizman, die me uitnodigde om een theatraal onderzoek te doen. Dat werd Over Dieren. Vervolgens kreeg ik de vraag of ik vaste maker wilde worden.
Daarna maakte ik NITE in Progress: Oersoep met de junior company NITE Riders. We hebben zes weken op het toneel research kunnen doen, wat een luxe! Het heeft me enorm geholpen bij het maken van deze grote voorstelling.
Ik voel me heel erg thuis bij NITE. Mijn aanpak past goed bij de interdisciplinaire werkwijze. Ik vind het leuk om te putten uit de creativiteit en fantasie van de spelers. In het begin wil ik nog niet te veel sturen, maar het proces openhouden. Dat kan uitdagend zijn, omdat je samen steeds naar de vorm en de code moet zoeken. Maar het NITE-ensemble is dat gewend. Sterker nog: daar ligt hun kracht.
Ik werk samen met de Duitse scenograaf Jonathan Mertz. Zijn decor is groots en spectaculair, maar ook transparant, praktisch en technisch. De acteurs moeten zelf heel veel doen en bouwen in dat decor; ze moeten de theatermachine besturen.
Onze cast bestaat uit Bien De Moor, Bram van der Heijden, Nimuë Walraven, Olaf Ait Tami en danser Camilo Chapela. Stuk voor stuk fantastische performers die enorm goed op elkaar zijn ingespeeld. Geef ze iets om uit te vogelen op de vloer en er ontstaat meteen een soort speelvreugde.
Dus ja, het is spannend, mijn eerste grotezaalvoorstelling. Maar ik heb er vooral heel veel zin in! Ik krijg fantastische ondersteuning van NITE en ben heel dankbaar dat ik dit mag doen.Tekst: Yvon van Apeldoorn —
ingekorte en geredigeerde versie
Huid, Wol & Siliconen
In Oersoep vervagen de grenzen tussen mens, dier en natuur. De kostuums geven die transformatie een fysieke vorm. Ze verwijzen naar christelijke beelden en symboliek die aansluiten bij de voorstelling als een passie voor de 21e eeuw: de moeder belichaamt geboorte en opoffering, het schaap wordt het offerlam, de natuur is tegelijk bron van leven en iets wat steeds verder wordt bedreigd.
Zwangere buiken
Voor de voorstelling werden zes zwangere buiken volledig met de hand gemaakt van siliconen. Aan de hand van referentiefoto’s van zwangere buiken van zeven tot acht maanden werd eerst een sculptuur van klei gemaakt. Van die sculptuur werd een mal van glasvezelversterkte kunststof vervaardigd. Elke buik werd gegoten in siliconen, met een stuk gaasachtig textiel verwerkt om de buik aan een korset te kunnen bevestigen.Schapenvachten van ruwe wol
Het schapenkostuum werd gemaakt van ruwe schapenwol, afkomstig van Boer Bos uit Aalsmeerderbrug. Alle medewerkers van het kostuumatelier volgden een workshop natvilten bij Emca Wildeman in het noorden van Groningen. Met deze techniek worden stevige, natuurlijke wolvachten gemaakt zonder gebruik van dierenhuid of leer. In totaal werden zes vachten voor de voorstelling vervaardigd.Schapenmasker en hoorns
Voor het schapenmasker werd eerst een patroon gemaakt van EVA-schuim. Op die basis werden met boetseerklei de details aangebracht en met verf verder uitgewerkt. Op dezelfde manier werden zes paar hoorns gemaakt, bevestigd aan pruiken — de schapenhoofddeksels die de muzikanten van K.O.Brass tijdens de voorstelling dragen.Ghillie suits – opgaan in de natuur
Voor de voorstelling werden verschillende ghillie suits aangeschaft: volledig bedekkende camouflagepakken die oorspronkelijk zijn ontworpen voor de jacht of het leger. Het kostuumatelier voegde materialen toe die ook in het decor worden gebruikt, zodat de pakken volledig opgaan in het natuurlandschap op het toneel.
GET IN TOUCH
GERAAKT, GEROERD OF VAN GEDACHTEN VERANDERD DOOR het zien van OERSOEP? We horen graag van je!
DID OERSOEP MOVE YOU, SHAKE YOU OR CHANGE YOUR MIND? WE'D LOVE TO HEAR FROM YOU!
Doe mee!
Fridays for Future is de internationale klimaatbeweging die jongeren wereldwijd op straat brengt voor klimaatrechtvaardigheid en een leefbare toekomst.
NITE doneerde €100 aan Fridays for Future. Oersoep stelt de vraag wat wij bereid zijn op te offeren in een uitgeputte wereld. Wij geloven dat kunst en actie hand in hand gaan — doe je mee?
Regie: Rebekka Nilsson | tekst: Bregje Hofstede | choreografie: Camilo Chapela | compositie: Matthías Sigurðsson | tekstbewerking: Sofie Boiten
Cast: Bien De Moor, Bram van der Heijden, Camilo Chapela, Nimuë Walraven, Olaf Ait TamiLive muziek – K.O.Brass: Kobi Arditi (trombone, zang), Patrick Votrian (sousafoon, zang), Randell Heye (trompet, flugelhorn, zang), Robert-Jan Looysen (hoorn, zang), Romain Bly (trompet, percussie, zang) Decorontwerp: Jonathan Mertz | kostuumontwerp: Katja Ebbel | lichtontwerp: Tim van ’t Hof | geluidsontwerp: Sander van der Werff | dramaturgie: Annabella Phillips Machnizh (stage), Friederike Schubert, Sofie Boiten | regieassistentie: Ludy Golstein Productie: Gerard Paulissen, Robert-Jan Looysen (K.O.Brass), Sascha de Jong | technische productie: Jonathan Hutter, Siemen van der Werf | lichtoperator: Marten Tieks | technische crew: Jonathan Hutter (stage manager), Simon Klein (zenders), Bas Rodenburg (licht), Sander van der Werff (geluid) | kleedster: Joana Carvalho | boventiteling: Annika Klingenberg | vertaling: Ludy Golstein, Annabella Phillips Machnizh (stage) | marketing: Carina De Becker, Hanna van der Leest, Hilrieke Mansholt, Marieke van Toledo, Michèl Nijdam, Randell Heye (K.O.Brass), Victoria Mastenbroek | PR: Janine Fluyt | educatie: Marie Seck, Renske van Oosterhout, Sietske Kleine Schaars | kostuumatelier: Amy Bürger, Helga Richter, Joana Carvalho, Margaret Tholen, Marloes Dadswell, Sophie Marie Ordo, Tania Ballve | decorbouw: Grand Theatre Decoratelier, Douwe Ket, Louwe Noordhoff | muzikaal advies: Frank Wienk | aanvullende compositie: Katrín Lóa Hafsteinsdóttir (Stop F#cking) | liedteksten: Bregje Hofstede (Stop F#cking), Rebekka Nilsson (Little Black Eyed God) | ontwerp baby: Marc Warning | assistentie decorontwerp: Myrdin de Leeuw | NITE hosts: Claire Vrijenhoek, Elianne Drogt, Manouk Venekamp, Megan de Kruijf, Noa Brokelman, Sadie Delintzis | portretten: HALIE | scènefoto's: Sanne PeperMet dank aan:
De duurzame ambitie van Oersoep krijgt mede vorm door het hergebruik van bestaande materialen en objecten. De baby en een deel van de dieren komen van Theater Rotterdam, andere dieren van de Nederlandse Reisopera, de berkenbomen van De Toneelmakerij, de eikenbomen van Ratworks, de stenen van MAISON the FAUX, de grote steen van Grand Theatre en de ventilator van Internationaal Theater Amsterdam. Het schaapkostuum is gemaakt van ruwe wol van Boer Bos. Dank aan deze makers en organisaties voor het delen, uitlenen en doorgeven, en daarmee voor het mogelijk maken van een decor waarin bestaande materialen een nieuw leven krijgen.Met speciale dank aan: Team NITE, Team K.O.Brass Duur: ca. 2 uurVoor nationale aanvragen en tourmogelijkheden kunt u contact opnemen met Harmen van der Hoek – harmen@nite.nl For international enquiries and touring options, please contact Wim de Vries – wim@nite.nl Oersoep komt tot stand met structurele steun van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, de Gemeente Groningen en de Provincie Groningen, en met projectsteun van Fonds Podiumkunsten en Fonds 21.Deze voorstelling is duurzaam geproduceerd volgens de richtlijnen van het Theatre Green Book op niveau basic.
CREDITS
CREDITS